De bandheidelibel heeft geen longen, maar laat lucht door gaatjes in het lichaam komen en komt zo aan zijn zuurstof. FOTO: Marcel van de Kerkhof.
De bandheidelibel heeft geen longen, maar laat lucht door gaatjes in het lichaam komen en komt zo aan zijn zuurstof. FOTO: Marcel van de Kerkhof.

Wat verse lucht wil iedereen op zijn tijd

Om te kunnen leven hebben mensen, dieren en planten minimaal 3 dingen nodig: zuurstof, water en voedsel. Ze kunnen weken overleven zonder eten, dagen zonder water en maar enkele minuten zonder zuurstof. Ademhalen is dus dé eerste levensbehoefte van de mens. Vandaar dat er zoveel spreekwoorden en gezegden zijn waar adem in voorkomt: adembenemend veel!

VELDHOVEN - Het lichaam, eigenlijk de cellen waaruit het is opgebouwd, heeft voortdurend zuurstof nodig. De cellen krijgen die van het bloed en het bloed krijgt de zuurstof via de longen. Bij het inademen komt zuurstof naar binnen, want in normale lucht zit ongeveer 1/5e deel zuurstof. Door verbranding van de zuurstof in de cellen ontstaat koolstofdioxide en waterdamp. Samen met de niet verbruikte zuurstof wordt dat uitgeademd.

Longen

In de biologie behoort de mens tot de zoogdieren. Kleine zoogdieren ademen sneller, grotere zoogdieren ademen wat rustiger. Het ademen van walvissen is een verhaal apart. Vinvissen, die rustig aan de oppervlakte zwemmen, ademen 1 x in de 2 minuten, maar als ze diep duiken, kunnen ze wel 40 minuten onder water blijven. Walvissen maken heel economisch gebruik van hun longen. Bij elke ademhaling wordt ± 90% van de in de longen aanwezige lucht vervangen, bij mensen slechts 10 tot 15%. Hoe belangrijk ook de longen zijn voor de mens, vreemd genoeg hebben de meeste dieren helemaal geen longen. 

Zwemblaas

Vissen bijvoorbeeld. Met hun kieuwen halen ze zuurstof uit het water om in de bloedbaan te brengen. Dan moet het water wel langs die kieuwen bewegen, ook als ze niet zwemmen. Ze bewegen daarom de bodem van hun bek, waardoor het water in de bek langs hun kieuwen wordt gestuwd. En dan de amfibieën: de kikkers en salamanders. Jonge dieren hebben kieuwen, maar de volwassen dieren hebben longen. Die worden echter nauwelijks gebruikt voor de ademhaling, ze dienen bij kikkers vooral om te kwaken en salamanders gebruiken ze als een soort zwemblaas. De zuurstof wordt grotendeels door de huid en het slijmvlies van de mondholte opgenomen. Salamanders "ademen" door de mondbodem snel op en neer te bewegen, waarbij de lucht door de neusgaten naar binnen en naar buiten gaat.

Een kolibrieademt300 keerper minuut

Tracheeën

Bij insecten gaat het weer anders. Ze ademen wel, maar hebben geen longen en geen kieuwen. De lucht komt binnen door een aantal gaatjes (stigmata) aan de zijkant van het achterlijf en wordt van daaruit door het lichaam verplaatst door een stelsel van heel dunne kanaaltjes, de tracheeën. Door de wanden van deze kanaaltjes komt de zuurstof in het bloed. De stigmata hebben elk een klepje, dat één keer in de vijf tot tien minuten opengaat om lucht in te laten. De luchtverversing vindt op verschillende manieren plaats. Sprinkhanen trekken hun buikplaten in, waardoor de lucht naar buiten wordt gedrukt en wespen verkorten hun achterlijf. Bij terugkomen in de normale positie wordt dan lucht naar binnen gezogen. Het is duidelijk dat de natuur zeer divers is. Longen, kieuwen of tracheeën: allemaal goed werkende oplossingen om de zuurstof binnen te krijgen.


Afbeelding