Een kikker heeft wel longen, maar gebruikt die voornamelijk om te kunnen kwaken. FOTO: Marcel van de Kerkhof.
Een kikker heeft wel longen, maar gebruikt die voornamelijk om te kunnen kwaken. FOTO: Marcel van de Kerkhof. (Foto: )

Alles en iedereen schept een luchtje

  Cultuur

Een kolibrie ademt wel 300 keer per minuut

IVN VEV

Ademhalen is dé eerste levensbehoefte van de mens. Dat komt doordat de cellen waaruit het lichaam is opgebouwd, continu zuurstof nodig hebben. De cellen krijgen die zuurstof van het bloed en het bloed krijgt de zuurstof via de longen. Bij het inademen komt zuurstof naar binnen. Bij het uitademen komt de niet verbruikte lucht weer naar buiten.

VELDHOVEN - In de biologie behoort de mens tot de zoogdieren. Kleine zoogdieren ademen sneller, grotere zoogdieren ademen wat rustiger. Het ademen van walvissen is een verhaal apart. Vinvissen, die rustig aan de oppervlakte zwemmen, ademen eenmaal in de 2 minuten, maar als ze diep duiken, kunnen ze wel tot 40 minuten onder water blijven.
Walvissen maken heel economisch gebruik van hun longen. Bij elke ademhaling wordt zo'n 90% van de in de longen aanwezige lucht vervangen, bij mensen slechts 10 tot 15%.

Zwemblaas

Hoe belangrijk ook de longen zijn voor de mens: vreemd genoeg hebben de meeste dieren helemaal geen longen. Vissen bijvoorbeeld. Met hun kieuwen zien ze kans om zuurstof uit het water te halen en in de bloedbaan te brengen. Dan moet het water wel langs die kieuwen bewegen; ook als ze niet zwemmen. Ze bewegen daartoe de bodem van hun bek, waardoor het water in de bek langs hun kieuwen wordt gestuwd.
En dan de amfibieën: de kikkers en salamanders. Jonge dieren hebben kieuwen, maar de volwassen dieren hebben longen. Hun longen worden echter nauwelijks gebruikt voor de ademhaling, ze dienen bij kikkers vooral om te kwaken en salamanders gebruiken ze als een soort zwemblaas. De zuurstof wordt grotendeels door de huid en het slijmvlies van de mondholte opgenomen. Salamanders 'ademen' door de mondbodem snel op en neer te bewegen, waarbij de lucht door de neusgaten naar binnen en naar buiten gaat.

Tracheeën

Bij insecten gaat het weer anders. Ze ademen wel, maar hebben geen longen en geen kieuwen. De lucht komt binnen door een aantal gaatjes (stigmata) aan de zijkant van het achterlijf en wordt van daaruit door het lichaam verplaatst door een stelsel van heel dunne kanaaltjes, de tracheeën. Door de wanden van deze kanaaltjes komt de zuurstof in het bloed.
De stigmata hebben elk een klepje, dat 1 keer in de 5 tot 10 minuten opengaat om lucht in te laten. De luchtverversing vindt op verschillende manieren plaats. Sprinkhanen trekken hun buikplaten in, waardoor de lucht naar buiten wordt gedrukt en wespen verkorten hun achterlijf. Bij terugkomen in de normale positie wordt dan lucht naar binnen gezogen.
De natuur is zeer divers. Longen, kieuwen of tracheeën: allemaal goede oplossingen om de zuurstof binnen te krijgen.

www.ivnl.nl//afdeling/veldhoven-eindhoven-vessem

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden