Logo veldhovensweekblad.nl


Een groene kikker aan het zonnebaden op een waterlelieblad. (Foto: Harrie Kesseler)
Een groene kikker aan het zonnebaden op een waterlelieblad. (Foto: Harrie Kesseler)

Als het warm is zijn zij actief

Reptielen en amfibieën zijn koudbloedige dieren. Ze nemen de temperatuur van hun omgeving aan en hebben tot nu toe uitgebreid van het mooie weer kunnen genieten. Hagedissen nemen een zonnebad op een zonnige muur en slangen doen dat op een rustig zandpad op de heide. Als het weer wat afgekoeld is, gaan ze op jacht.

Ook de kikkers en padden hebben het goed. Ze bevinden zich op dit moment in hun zogenaamde zomerbiotoop, die kilometers ver weg kan zijn van de plaats waar ze geboren zijn en waarnaar ze weer terug gaan om zelf te gaan paren. Maar dat duurt nog een hele tijd.

Insecten

Eerst zullen ze zich in deze warme zomer vol vreten met insecten en wormen en tegen de tijd dat de herfst aanbreekt, gaan de kikkers en padden op weg naar de plaats waar ze overwinteren. Dat is in de buurt van hun plas waarin ze geboren zijn, zodat ze - als ze na hun winterslaap wakker worden - niet zo ver hoeven te gaan om hun uiteindelijke bestemming te bereiken.

Zonnewarmte

In tegenstelling tot de vogels en zoogdieren, die tijdens het voorjaar en het begin van de zomer druk bezig zijn met de verzorging van hun jongen, maken reptielen en amfibieën het zich wel erg gemakkelijk in het zorgen voor hun kroost. Hagedissen en slangen leggen eieren, die door broeiend gras en zonnewarmte worden uitgebroed.

Kostje

Vervolgens moeten de jonge dieren zelf aan eten zien te komen. Alleen de levendbarende hagedis en de gladde slang krijgen levende jongen, maar ook die moeten zelf voor hun kostje zorgen. Bij kikkers, padden en salamanders gaat het al niet anders: na het afzetten van de eitjes in het water, zorgt de warmte van de zon ervoor dat de eitjes uitkomen en moeten de larfjes zien dat ze voldoende voedsel vinden. Ze besteden de zomer om verder uit te groeien, zodat ze groot en sterk genoeg zijn om de winter te kunnen overleven. Daarna hebben ze nog een jaar de tijd om verder te groeien. Ook zij gaan na de winter weer terug naar de plas waarin ze geboren zijn, om zelf voor nageslacht te gaan zorgen. Bruine en groene kikkers zien we volop, maar heikikkers, slangen en salamanders zien we zelden.

De hagedissen en hazelwormen laten zich gemakkelijker zien. Voor veel amfibieën en reptielen geldt, dat ze worden bedreigd in hun voortbestaan. Gelukkig worden er wel steeds meer maatregelen getroffen, om de overlevingskansen van deze diersoorten te verbeteren. Het aanleggen van poelen en paddentunnels zijn daar voorbeelden van.

Reageer als eerste
Meer berichten